Een van de eerste boeken over oorlog, nu ja dreigende oorlog, in ons land die (of is het dat?) ik las was van Roothaert, ik heb veel over hem geschreven, en ook dat boek, "De vlam in de pan", heeft mijn leven behoorlijk veranderd. Ik had, van mijn ouders op mijn achttiende verjaardag, de geschiedenis van de KM in WO2 gekregen, een dubbeldik boekwerk van K. Bezemer, getiteld: "Zij vochten op de Zeven Zeeën" en "Verdreven doch niet verslagen". Absolute top geschiedenis, die Lou de Jong niet verbeterd zou kunnen hebben. Maar ja, vaak was het wel een droge opsomming van oorlogspatrouilles van onze toenmalige KM, soms gelardeerd met wat humoristische ervaringen van onze maten.
Maar boeken als "Spionage in het Veldleger" (overigens de eerste echte spionage roman die ter wereld ooit geschreven is) en "Vlam in de pan", beiden van die Roothaert, verlegde mijn interesse niet zozeer naar dienen in het leger, maar vooral waarom onze Defensie in de jaren van oorlog zo was uitgekleed. (Roothaert diende als luitenant in WO1 en als kapitein in WO2 en had dus oorlogservaringen zat, hij was Comapgnie CDT en vocht rond Delft en Den Haag, tegen de paratroepen van de Wehrmacht.)
Goed, ik had dus "Gezworen Kameraden" van Uris gelezen en ook de boeken van Robert Leckie: "Strong men armed" en "Helmet for my pillow" en ja, die boeken maakten nogal indruk. Dus ja, zou ik MARN kunnen worden? Mijn hart twijfelde, ik was toch meer van het water dan van het land, maar, mijn zeventien jarige geest zag me wel een of ander strand op stormen, een helm op mijn kanis, een sigaret in mijn mondhoek en een geweer in mijn arm.Maar dat ging natuurlijk helemaal niet lukken, want ik was brildragend en ja, een brilletje en het Korps, nee, no way, zeiden ze in het MARKEURSEL, hoewel het toen nog anders heette, geloof ik. Uiteindelijk werd k 'ziekenpa', een vak waar ik goed in werd en waar ik nooit verdriet over heb gehad. (Ja, je kon ook toelis (schrijver) worden of MB (Magazijnbeheerder) of zo, maar dan was (frequent) varen bijna out of the question, eigenlijk.)
Ik koos dus voor de ziekenpa opleiding en ja, na die opleiding ging ik bijna meteen varen op een mijnenveger, deed cursussen in duik ziekverpleging en alles en had een geweldige tijd.
In de jaren zeventig begon ik boeken van Douglas Reeman te lezen en maatje B.S. (nee, niet zo lezen) en ik wisselden oorlogsboeken uit. We lazenKirst en Remarque en ja, we lazen veel. Later, niet veel later, was de Vietnam oorlog op een hoogtepunt gekomen, het was '73 of zo. De eerste boeken over de tweede Wereldoorlog kwamen eigenlijk net uit, James Jones' boeken als: "From here to eternity", The thin red line" en zo, maar ook Norman Mailers: "The naked and the dead" maakten enorme indruk op me.
Ik las meer en meer. Ik las Jones/Dibner/Caputo/Webb/Barker/Marlantes. Al die boeken versterkten mijn indruk dat militairen/mariniers/soldaten/marinemensen een, noem me belachelijk, maar wel een uitverkoren soort volk waren. Een soort ras, als ik het zo mag zeggen, dat hun principes, nu ja, hun basis vonden in het feit dat zij hun land/democratie/volk moesten en wilden dienen, hoe dan ook. Ja, natuurlijk, je werd betaald, je kreeg een perfecte opleiding en zo, maar der zat een ideologie achter en jullie, die dit stukje lezen, van Bintang tot Bertus S. en Bertus V., van Michael tot Mario, van Frans en Joop en Gerrit en van Ronald tot Wilma (dit zijn dan allemaal gabbertjes van me) zullen dat, we zijn Nederlanders natuurlijk, wat 'grumppie' erkennen, maar jullie zullen het erkennen. Ons dienen heeft een achtergrond gehad. We waren gemotiveerd, we wilden onze 'democratie', noem het zo, dienen en verdedigen. Bintang deed dat al in de Oost, ik deed dat tijdens de koude oorlog, de rest deden dat in latere conflicten, maar wij waren militairen en niet voor niets!
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Winkels weer open, weer gedoe
Gisteren ging ik naar de bieb. Ik kwam langs de terrassen van de horeca op het 'Stadsplein' en ik zag dat het goed was. Veel mensen...
-
'Besmuikt lachen, zegt dat woord u nog iets, waarde kijkertjes?' zou dominee Gremdaat hebben kunnen zeggen in zijn, ooitmalige en he...
-
'En, ho, ho, ho', hoorde en las ik trouwe lezers brullen, 'what about good old Willem Elsschot? Waarom is hij der niet bij?'...
-
Dit is een kort berichtje. Lang is niet nodig, het domme heeft weer eens verloren. Goed, ik had er al een tijdje geleden over geschreven, ...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten